Verschillende Amsterdamse bewonersorganisaties, waaronder Buurtorganisatie 1018, hebben bij de gemeente een zienswijze ingediend over de voorstellen van het college om het onlangs vastgestelde evenementenbeleid op te nemen in het Omgevingsplan van Amsterdam. Deze wijziging van het Omgevingsplan is aan de gemeenteraad gepresenteerd als ‘veegwijziging’ - dat zijn relatief onbelangrijke technische aanpassingen - maar volgens de bewonersorganisaties heeft ze ingrijpende consequenties. Evenementen in de stad krijgen meer ruimte en de regels betreffen vooral wat wél mag en kan, en gaan nauwelijks in op wat er niet mag en wat de grenzen zijn van overlast. Het opnemen van beleid in het Omgevingsplan leidt ertoe dat het aanzienlijk moeilijker wordt voor bewoners om zich succesvol te verzetten tegen een afgegeven evenementenvergunning. De bewonersorganisaties vragen de gemeenteraad de bepalingen uit het evenementenbeleid niet als wijzingen op te nemen in het Omgevingsplan zolang daarbij niet ook de bescherming van bewoners met betrekking tot geluid, gezondheid, leefkwaliteit, rust- en herstelperioden en de maximale belasting van de woonomgeving, helder, gedetailleerd en juridisch afdwingbaar zijn gegarandeerd.
Beeld: gemeente Amsterdam
Moderne festivals zijn groot en ingrijpend voor de buurt - zeer veel bezoekers, grote drukte, lange op- en afbouwperiodes en enorme geluidsinstallaties met zware bastonen. En de evenementen zijn niet meer incidenteel, maar er is sprake van een opeenstapeling. De gemeente heeft eind 2025 een nieuw evenementenbeleid vastgesteld en gaat uit van een systeem van vaste evenementenlocaties. Voor iedere locatie wordt door de gemeente een zogenaamd locatieprofiel opgesteld met daarin vastgelegd wat er mag. Het gaat bijvoorbeeld over het maximaal aantal bezoekers op die plek, hoeveel geluid er mag worden geproduceerd en hoe vaak de locatie voor een evenement mag worden gebruikt. Omdat festivals en popconcerten tijdelijke activiteiten zijn, kunnen de normen die in het locatieprofiel worden gegeven over maximaal toegestaan geluid, afwijken van de standaard wettelijke maximale normen. Voor de meeste evenementenlocaties in Amsterdam geldt dan ook inmiddels een maximale geluidsbelasting van 85 dB(C) op de gevel van woningen. Voor 55 van de 76 locaties geldt de basisregel van maximaal drie geluidsbelastende evenementen per jaar. In postcodegebied 1018 is Stadswerf Oostenburg een evenementenlocatie waarvoor een locatieprofiel is aangemaakt.
Bepalingen in een Omgevingsplan zijn algemeen verbindende voorschriften, vergelijkbaar met de vroegere bestemmingsplannen. Met het incorporeren van het beleid in het Omgevingsplan wordt het beleid dus juridisch verankerd en wordt het moeilijker voor bewoners om een verleende vergunning juridisch aan te vechten om op te komen voor hun belangen en de bescherming van hun leefomgeving. Algemeen stelt de wet dat aantasting van de leefomgeving ‘aanvaardbaar’ moet zijn maar daarbij wordt geen precieze normering gegeven. Het draait dan bij een juridische procedure niet meer expliciet om overtreding van een wettelijke norm waaraan een rechter een vergunning zou moeten toetsen maar nu moet de rechter die toetsen aan de normen zoals die in het betreffende locatieprofiel zijn vastgelegd – en aldus opgenomen in het Omgevingsplan - en staat de redelijkheid van de vastgelegde normen centraal. Het zal bijvoorbeeld gaan om de vraag of er bij de vaststelling van het locatieprofiel een goede belangenafweging heeft plaatsgevonden en of een goede motivering bestaat voor de gestelde normering. Ook kan worden beoordeeld of de afwijking van de landelijke normen voor die locatie goed is onderbouwd. Met het systeem van locatieprofielen stelt de gemeente bij voorbaat dat de afzonderlijke plekken precies zijn onderzocht en dat goede afwegingen zijn gemaakt. En zo lijken juridische procedures tegen een specifiek verleende vergunning voor een evenement bij voorbaat vrij kansloos.
Beleid is daarmee tot juridisch verankerde normen geworden en bewoners voelen zich door de gemeente in de steek gelaten. De bewonersorganisaties zeggen in hun zienswijze dat ook zij vinden dit een levendige stad belangrijk is. Maar het is ook belangrijk dat de stad leefbaar is. Het primaire doel van de Omgevingswet is te zorgen voor een veilige en gezonde fysieke leefomgeving, en vervolgens het realiseren van een goede balans tussen beschermen en benutten. De huidige ontwikkeling leidt ertoe dat de bescherming van bewoners ondergeschikt wordt gemaakt aan bestuurlijke beleidskeuzes, in casu het faciliteren van steeds meer en steeds grotere evenementen.
